Op deze pagina zijn onze statuten terug te vinden. Deze zijn goedgekeurd op 12/02/2018.
Hier zijn de statuten terug te vinden als PDF. Dit is de officiële versie.
1 Algemene bepalingen

Art 1. Heimdal is studentenclub van de studenten aan de Hogeschool Gent. De vereniging stelt zich tot doel enerzijds informatie te verstrekken aan de studenten anderzijds ICT ondersteuning aan te bieden voor studenten, andere studentenverenigingen aangesloten aan de Hogeschool Gent en student-ondernemers. Alsook via het organiseren van activiteiten contacten te leggen tussen studenten onderling, in een geest van pluralisme en politieke en ideologische ongebondenheid.

Art 2. Alle studenten aan de Hogeschool Gent kunnen lid worden van Heimdal. Ook anderen kunnen lid worden, tenzij het praesidium, geval per geval, anders beslist. Lid is elke persoon die hieraan voldoet en zijn/haar lidgeld heeft betaald. Het bedrag van het lidgeld wordt door het praesidium vastgelegd voor de aanvang van het volgende academiejaar met een maximum van tien euro (10 euro).

 

2 Bestuur

Art 3. Het bestuur (House Of Parliament (verder vermeld als ‘praesidium’) is het overkoepelende orgaan van Heimdal. Elk lid van het House Of Parliament (praesidium) moet lid zijn van Heimdal en aan de Hogeschool Gent ingeschreven zijn voor een traject van ten minste 27 studiepunten. Hij/zij moet gedoopt en ontgroend zijn bij Heimdal in een voorafgaand academiejaar.

Art 4. Een praesidiumlid mag nooit een persoonlijke opinie als standpunt van Heimdal naar voor brengen.

Art 5. De verantwoordelijkheden van elke functie in het praesidium xmoeten duidelijk omschreven zijn in de statuten.

 

2.1 Algemene taken van het House Of Parliament (praesidium).

Art 6. Alle praesidiumleden zijn verplicht aanwezig op de vergaderingen waartoe zij uitgenodigd worden, tenzij ze een geldige reden hebben voor hun afwezigheid.

Art 7. De praesidiumleden moeten helpen bij de organisatie en praktische uitvoering van algemene activiteiten.

Art 8. Aan acties, georganiseerd in samenwerking met of door verenigingen met een politieke of ideologische inslag, kan Heimdal slechts deelnemen na een raadpleging van alle leden van Heimdal. Heimdal zal ten aanzien van deze verenigingen trouwens nooit een standpunt innemen, tenzij zij door hun activiteit de werking van Heimdal belemmeren of verhinderen.

Art 9. De High Chancelor (praeses), de Chancelor of State (vice-praeses), de Chancellor of the Exchequer (penningmeester) en de Chancelor of Bureaucracy vormen samen het hoogpraesidium alle leden van het hoogpraesidium zijn ertoe gebonden de statuten van Heimdal actief te kennen. Deze functies zijn tevens vereist voor de goede werking van de club en zij daarom verplicht in te vullen. Andere functies (beschreven in 2.2 Samenstelling) zijn niet verplicht in te vullen.

Art 9bis. Eén persoon kan maximaal 2 praesidiumfuncties uitoefenen  uitgezonderd het hoogpraesidium.

 

2.2 Samenstelling

2.2.1 De High Chancelor (praeses)

Art 10. De High Chancelor (praeses) is de voorzitter en woordvoerder van Heimdal. Hij/zij roept het praesidium samen in vergadering en zit deze voor. Als voorzitter coördineert hij/zij de uitvoering van alle door het praesidium goedgekeurde initiatieven. In het belang van de vereniging neemt hij/zij tevens alle maatregelen waartoe noodwendigheid zich noopt.

Art 11. De High Chancelor (praeses) staat samen met de Chancellor of the Exchequer (penningmeester) in voor de subsidies.

Art 12. De High Chancelor (praeses) zit de vergaderingen van het praesidium voor. Hij/zij neemt alle maatregelen om de vergadering ordelijk te laten verlopen. Hij/zij bepaalt de agenda van de vergadering. De agenda dient toegevoegd te worden aan de uitnodiging tot de vergadering. De praesidiumvergaderingen zijn openbaar voor alle Heimdal-leden. Hen kan slechts op hun verzoek het woord verleend worden. De vergadering moet achter gesloten deuren verlopen wanneer één derde van de aanwezige praesidiumleden dit wenselijk acht.

Art 13. Wanneer de High Chancelor (praeses) in de onmogelijkheid verkeert zijn/haar functie uit te oefenen, oefent de Chancelor of State (vice-praeses) diens bevoegdheden ad interim uit, tot de onmogelijkheid heeft opgehouden te bestaan, wat door de High Chancelor (praeses) wordt vastgesteld. De Chancelor of state (vice-praeses) duidt een ander lid van het praesidium aan die tijdelijk de administratieve taken uitvoert waarvoor de Chancelor of State (vice-praeses) verantwoordelijk is (zie 2.2.2 Chancelor of State (vice-praeses) ). Wanneer zowel de High Chancelor (praeses) als de Chancelor of State (vice-praeses) hun bevoegdheden niet kunnen uitoefenen doordat zij in de onmogelijkheid zijn, hun ontslag hebben ingediend of uit hun functie zijn ontzet, behandelt het praesidium enkel de spoedeisende zaken. In zo’n geval oefent het praesidiumlid met de meeste praesidiumervaring de bevoegdheden van High Chancelor (praeses) uit. Die High Chancelor (praeses) ad interim duidt een Chancelor of State (vice-praeses) aan die de administratieve taken uitvoert.

Art 14. Indien een praesidiumlid, niet vermeld in Art 15, in de onmogelijkheid verkeert zijn functie uit te voeren, kent de High Chancelor (praeses) de verantwoordelijkheden van dat praesidiumlid aan zichzelf of aan een ander praesidumlid toe tot wanneer deze onmogelijkheid ophoudt te bestaan.

Art 15. De High Chancelor (praeses) moet minstens één jaar praesidiumervaring bij Heimdal hebben.

Art 16. De High Chancelor (praeses) krijgt toegang tot de rekening van Heimdal en draagt hiervoor de volle verantwoordelijkheid gedurende het desbetreffende academiejaar.

Art 17. De High Chancelor (praeses) is waarnemend lid van elk comité dat door Heimdal wordt ingericht, met uitzondering van het kiescomité (Zie 2.3.3 Kiescomité).

 

2.2.2 De Chancelor of State (vice-praeses)

Art 18. De Chancelor of State (vice-praeses) verzorgt de algemene administratie van Heimdal. Hij/zij helpt de High Chancelor (praeses) bij de voorbereiding van de vergadering. Hij/zij nodigt ook alle andere praesidiumleden uit voor de vergadering. De voorbereidende documenten welke dienstig kunnen zijn bij de bespreking van de onderscheiden agendapunten, worden door de Chancelor of State (vice-praeses) ter inzage bijgehouden. Elk praesidiumlid kan inzage ervan vorderen.

Art 19. De Chancelor of State (vice-praeses) houdt het ledenbestand bij en staat in voor het tijdig indienen van de noodzakelijke formulieren bij de Directie Studentenvoorzieningen, welke bijgevoegd zijn bij de jaarlijkse subsidiebrochure. Tevens dient hij/zij een jaarverslag op te maken dat alle openbare activiteiten bevat en dat hij/zij indient bij de Directie Studentenvoorzieningen voor de vooropgestelde einddatum.

Art 20. De Chancelor of State (vice-praeses) staat in voor het contact met de ereleden en houdt bijgevolg ook de ereledenlijst bij.

Art 21. Wanneer de High Chancelor (praeses) in de onmogelijkheid verkeert zijn/haar functie uit te oefenen, oefent de Chancelor of State (vice-praeses) diens bevoegdheden ad interim uit, tot de onmogelijkheid heeft opgehouden te bestaan, wat door de High Chancelor (praeses) wordt vastgesteld (zie Art 13).

Art 22. De Chancelor of State (vice-praeses) moet minstens één jaar praesidiumervaring bij Heimdal hebben.

Art 23. De Chancelor of State (vice-praeses) krijgt toegang tot de rekening van Heimdal en draagt hiervoor de volle verantwoordelijkheid gedurende het desbetreffende academiejaar.

 

2.2.3 De Chancellor of Bureaucracy (secretaris)

Art 24. Hij/zij noteert een verslag van elke vergadering waaop alle belangrijke beslissingen genoteerd worden. Dat verslag wordt binnen de drie dagen online geplaatst op de Heimdal website en de overige praesidiumleden moeten hiervan op de hoogte gesteld worden.

Art 25. Hij/zij is verantwoordelijk voor de briefwisseling naar de leden toe.

Art 26. Hij/zij is verantwoordelijk voor de clubs bezittingen.

Art 27. De Chancelor of Bureaucracy moet minstens één jaar praesidiumervaring bij Heimdal hebben.

 

2.2.4 De Chancellor of the Exchequer (penningmeester)

Art 28. De Chancellor of the Exchequer (penningmeester) is de financiële verantwoordelijke van Heimdal. Op elke vergadering brengt hij/zij verslag uit over de financiële toestand. De Chancellor of the Exchequer (penningmeester) kan slechts betalingen doen ter uitvoering van de door het praesidium goedgekeurde verrichtingen, behoudens de gevallen van noodwendigheid. De Chancellor of the Exchequer (penningmeester) is verantwoordelijk voor elke betaling die hij/zij onder machtiging heeft verricht.

Art 29. In de uitoefening van zijn/haar functie houdt de Chancellor of the Exchequer (penningmeester) de financiële verrichtingen bij. Elk lid van het praesidium mag de financiële verrichtingen controleren en de Chancellor of the Exchequer (penningmeester) ter verantwoording roepen op de vergaderingen van het praesidium.

Art 30. De Chancellor of the Exchequer (penningmeester) is belast met het bijhouden van de individuele rekeningen van de diverse activiteiten. Hij/zij draagt er zorg voor dat ten laatste twee weken na een activiteit de desbetreffende rekening afgesloten is tenzij verlating van facturen dit onmogelijk maakt.

Art 31. De Chancellor of the Exchequer (penningmeester) kan niet ter verantwoording geroepen worden voor de financiële verrichtingen die voltrokken waren voor hij/zij in functie trad. Hij/zij blijft onverminderd verantwoordelijk voor de wijze van uitvoering van financiële verrichtingen welke voor hij/zij in functie trad een aanvang hebben genomen.

Art 32. De Chancellor of the Exchequer (penningmeester) maakt voor het eind van het academiejaar een financieel jaarverslag op.

Art 33. Het jaarverslag wordt samen met de financiële verrichtingen overhandigd aan de persoon die de functie van Chancellor of the Exchequer (penningmeester) opvolgt voor de aanvang van het nieuwe academiejaar.

Art 34. De Chancellor of the Exchequer (penningmeester) krijgt een exemplaar van de bankkaart van Heimdal toegewezen in het begin van het academiejaar en draagt hier de volle verantwoordelijkheid voor gedurende het desbetreffende academiejaar.

Art 35. De Chancellor of the Exchequer (penningmeester) moet minstens één jaar praesidiumervaring bij Heimdal hebben en aan de Hogeschool Gent ingeschreven zijn voor een traject van ten minste 27 studiepunten. Hij/zij moet gedoopt en ontgroend zijn bij Heimdal in een voorafgaand academiejaar.

 

2.2.5 De Schachtentemmer

Art 36. De schachtentemmer is verantwoordelijk voor het samenstellen van het doopcomité dat de doop van de schachten zal organiseren. In het doopcomité kunnen enkel leden zetelen die gedoopt en ontgroend zijn door Heimdal en bovendien moet hun aanwezigheid goedgekeurd worden door het praesidium. Het kan vanaf dat moment op eigen initiatief samenkomen en de belangrijke beslissingen in verband met de doop nemen, zolang deze in samenspraak zijn met Heimdal en met de regels die door hogere instanties opgelegd werden.

Art 37. De schachtentemmer staat ook in voor de organisatie van de ontgroening, de tijdige creatie van de doopdiploma’s, het aanschaffen van de dooplintjes en het aan de gedoopten bezorgen van beiden.

Art 38. De schachtentemmer moet minstens één jaar ervaring hebben als lid van Heimdal.

 

2.2.6 De Public-Relations (PR)

Art 39. De PR is verantwoordelijk voor het onderhouden en uitbouwen van de professionele relaties tussen Heimdal en de buitenwereld, in het bijzonder met de sponsors. Hij/zij is verantwoordelijk voor alle sponsorovereenkomsten.

Art 40. De PR is verantwoordelijk voor het tijdig bekendmaken van het plaatsgrijpen der activiteiten. Meer bepaald moeten de tijdstippen, locaties en eventueel andere nodige informatie ten laatste één week voor de aanvang van de activiteit gecommuniceerd worden naar de leden alsook de ereleden. Dat dient te gebeuren door middel van het ophangen van de affiches van de opkomende activiteiten op plaatsen waar leden van Heimdal regelmatig les hebben. Hij/zij is regelmatig aanwezig op de plaatsen waar leden van Heimdal les hebben ter verstrekking des mondelingen publiciteits. Hij/zij verstuurt ook de maandelijks e-mail bevattende een overzicht van aankomende activiteiten. Dit ten laatste voor het begin van de maand.

 

2.2.7 De Scriptor

Art 41. De scriptor is verantwoordelijk voor de redactie van het verenigingsblad van Heimdal. De mate en de hoedanigheid van de uitgaves worden in samenspraak met het praesidium bepaald

Art 42. De inhoud van het verenigingsblad moet aanvaardbaar zijn voor de leden en ereleden en mag geen aanstootgevend materiaal bevatten in navolging van Art 1.

 

2.2.8 De Cultuurpraeses

Art 43. De cultuurpraeses staat in voor het organiseren van culturele activiteiten voor de leden van Heimdal.

 

2.2.9 De Sportpraeses

Art 44. De sportpraeses organiseert sportactiviteiten voor de leden van Heimdal.

 

2.2.10 De Feest- en LANpraeses

Art 45. De feestpraeses organiseren diverse feestactiviteiten zoals LAN-parties.

 

2.2.11 De Chancellor of Bits (IT-verantwoordelijke)

Art 46. De Chancellor of Bits (IT-verantwoordelijke) ontwikkelt en onderhoudt de Heimdal website en de server en draagt hier dan ook de volle verantwoordelijkheid voor. De website moet algemene informatie over Heimdal bevatten, alsook een systeem dat de andere praesidiumleden toelaat informatie over activiteiten toe te voegen. De IT-verantwoordelijke heeft ten alle tijde de eindverantwoordelijkheid over aanpassingen aan de site en de server.

Art 47. De Chancellor of Bits (IT-verantwoordelijke) is verantwoordelijk voor het nemen van backups van de gegevens en bestanden. Hij/zij zorgt ervoor dat de High Chancelor (praeses) toegang krijgt tot de server.

Art 48. De Chancellor of Bits (IT-verantwoordelijke) moet over de nodige computertechnische competenties beschikken om zijn taak naar behoren uit te voeren. Dit wordt vastgesteld bij de kandidaatstelling door het kiescomité, na advies van de uittredende Chancellor of Bits (IT-verantwoordelijke).

 

2.3 Verkiezing van het praesidium

Art 49. De verkiezing van het praesidium dient jaarlijks te gebeuren.

Art 50. Het praesidium is verantwoordelijk voor het tijdig vastleggen van een datum voor de verkiezingen.

 

2.3.1 Kiesrecht

Art 51. Alleen personen die binnen de categorie van stemgerechtigen vallen, zijn gerechtigd deel te nemen aan de rechtstreekse verkiezing van het praesidium voor het academiejaar volgend op dat van de verkiezingen.

Art 51bis. De stemgerechtigden zijn uitsluitend studenten die rechtsgeldig zijn ingeschreven als student aan de Hogeschool Gent, leden en ereleden van Heimdal.

 

2.3.2 Verkiesbaarheid

Art 52. Alleen studenten die rechtsgeldig zijn ingeschreven aan de Hogeschool Gent kunnen zich kandidaat stellen voor één van de hierboven omschreven praesidiumfuncties.

Art 52bis. Studenten die rechtsgeldig ingeschreven zijn en niet aan Art 52 voldoen, maar wel hun bachelordiploma behaald aan de Hogeschool Gent mogen ook opkomen voor een hierboven omschreven praesidiumfunctie.

Art 53. Het praesidium kan, met een tweederde meerderheid, ten laatste twee weken voor de verkiezingsvergadering (Art 55) beslissen om voor een bepaalde functie het aantal vacatures te wijzigen.

Art 54. Studenten die (Art 52) zich kandidaat mogen stellen, kunnen dat doen door op de verkiezingsvergadering (Art 55) aanwezig te zijn. Indien dit niet mogelijk is, kunnen ze hun kandidatuur op voorhand indienen bij het kiescomité (zie 2.3.3 Kiescomité). Het kiescomité stelt zelf de deadline voor het indienen van de kandidaturen.

Art 55. Op de publieke verkiezingsvergadering voorafgaand aan de verkiezingen beoordeelt het kiescomité de ontvankelijkheid van de kandidaturen. Door zich verkiesbaar te stellen, geeft de kandidaat aan de statuten te kennen. Indien nodig kan de kandidaat een beroep doen op het kiescomité om een correcte versie van de statuten te verkrijgen. De ontvankelijkheid van de kandidaturen wordt de volgende dag ad valvas bekend gemaakt.

 

2.3.3 Kiescomité

Art 56. Minstens 14 dagen voor de bij Art 55 bedoelde verkiezingsvergadering wijst het praesidium het kiescomité aan. Het kiescomité bestaat uit ten minste drie en maximum vijf personen die zelf geen kandidaat zijn bij de verkiezingen. Deze worden verkozen met een gewone meerderheid. Het kiescomité wijst haar voorzitter en Chancelor of Bureaucracy aan.

Art 57. Het kiescomité is belast met de uitvoering van de beslissingen van het praesidium inzake de organisatie van de verkiezingen. Het kiescomité is ervoor verantwoordelijk dat de verkiezingen in goede banen verlopen en kan daarbij op de verkiezingsvergadering (Art 55) de nodige afspraken maken met alle kandidaten. Ook kandidaten die niet op de vergadering aanwezig zijn, dienen zich aan deze afspraken te houden.

Art 58. Het praesidium is belast met de organisatie van de verkiezingen voor het praesidium van het volgend academiejaar. Het kiescomité houdt toezicht op de verkiezingen onder de voorwaarden hieronder bepaald.

Art 59. Het kiescomité krijgt een e-mailadres toegewezen waarin enkel en alleen het kiescomité inzage heeft.

Art 60. De voorzitter van het kiescomité is verantwoordelijk voor het volledige kiescomité en hun taken.

 

2.3.4 Kiesverrichtingen

Art 61. Het kiescomité is verantwoordelijk voor het voldoende voorhanden zijn van stemformulieren tijdens de stemming. Elk stemformulier dient door een lid van het kiescomité afgestempeld of geparafeerd te worden.

Art 62. Het kiescomité zal in samenspraak met het praesidium de exacte data vastleggen waarop de verkiezingen zullen plaatsvinden.

Art 63. Elke stemgerechtige persoon ontvangt, na verificatie van stemgerechtigheid door het kiescomité, aan de hand van de geldige studentenkaart of Heimdal-lidkaart, een stemformulier. Het formulier wordt na het stemmen gedeponeerd in de ter plaatse beschikbare en verzegelde stembus.

Art 64. Het kiescomité ziet er op toe dat iedereen slechts één stem kan uitbrengen.

Art 65. Het stemmen is geheim. Het geschiedt schriftelijk, op uniforme stemformulieren. Volmachten worden alleen toegestaan aan mensen in bezit van een toestemming met handtekening en kopie van de identiteits- of studentenkaart van de desbetreffende persoon. Elke stemgerechtige kan voor maximaal één andere stemgerechtigde stemmen via de volmachtprocedure die hierboven beschreven staat.

Art 65bis. Het kiescomité kan het stemmen stemmen per e-mail toestaan aan ereleden en ex- praesidiumleden. Andere leden dienen hiervoor een door het kiesomité goedgekeurde motivatie te hebben.

Art 66. Een stem is geldig wanneer het stemformulier voor elke functie aan de volgende voorwaarden voldoet:

  • Indien er evenveel of meer vacatures als kandidaten zijn, kan er voor elke kandidaat een voor-, tegen- of blanco-stem uitgebracht worden.
  • Indien er meer kandidaten dan vacatures zijn, kunnen er maximum n verschillende voor-stemmen uitgebracht worden, met n het aantal vacatures.

Art 67. De stembus wordt door de voorzitter van de verkiezingscommissie verzegeld.

Art 68. De telling van de stemmen is openbaar en verloopt volgens volgende procedure: één lid van het kiescomité controleert de geldigheid van de stemformulierenen en leest ze voor; twee andere leden van het kiescomité turven de voorgelezen stemmen. Na het voorlezen van de stemmen worden de geturfde stemmen vergeleken. Indien er zich discrepanties voordoen, worden de stemmen voor de desbetreffende functie opnieuw voorgelezen en herteld. Waarnemers van de telling krijgen geen inzage in de getelde stemmen, het samentellen van de stemmen is geheim.

Art 69. Elke kandidaat heeft het recht de hertelling te vorderen, tenzij hij/zij door het kiescomité werd uitgenodigd om de telling bij te wonen.

Art 70. Indien er even veel of meer vacatures dan kandidaten zijn, is elke kandidaat verkozen die meer voor- dan tegenstemmen heeft ontvangen. Indien er meer kandidaten dan vacatures zijn, zijn de kandidaten met de meeste stemmen verkozen. Bij gelijkheid van stemmen (zie Art 71) volgt een herstemming (zie Art 72).

Art 71. Er is een gelijkheid van stemmen indien het verschil in stemmen tussen twee kandidaten kleiner is dan 5% van het totaal aantal geldig uitgebrachte stemmen op die functie.

Art 72. Indien een herstemming dient plaats te vinden is het kiescomité verantwoordelijk voor het organiseren van een debat binnen een week na de telling. Op dit debat dienen alle kandidaten aanwezig te zijn waarvoor een herstemming wordt uitgevoerd. Na het debat volgt een stemming door alle aanwezige stemgerechtigden waarbij de kandidaat met een gewone meerderheid van de stemmen verkozen wordt.

Art 73. Het kiescomité sluit de kiesverrichtingen af en stelt een schriftelijk verslag op dat een weergave van de kiesverrichtingen op de dag van de verkiezingen bevat, de volledige uitslag van de verkiezingen en elke onregelmatigheid welke door een lid van het kiescomité werd vastgesteld of vernomen.

Art 74. Een praesidiumlid dat, nadat hij/zij verkozen is, niet meer zou voldoen aan de voorwaarden gesteld in Art 52 of 52bis, neemt automatisch ontslag. Vervolgens gaat het praesidium over tot coöptatie volgens de regels van Art 75.

Art 75. Wanneer een praesidiumlid ontslag heeft genomen, uit zijn/haar functie werd ontzet of wanneer tijdens de rechtstreekse verkiezing geen enkele persoon zich kandidaat heeft gesteld, kan het praesidium overgaan tot coöptatie van een nieuw praesidiumlid. De vacature van de openstaande functie(s) moet worden gemeld aan de leden door middel van affiches als het praesidium besluit de functie(s) in te vullen. Er wordt gestemd door het praesidium bij een gewone meerderheid.

Art 76. In geval dat er zich omstandigheden zouden voordoen die niet beschreven zijn in de andere artikelen betreffende verkiezingen (betreffende het gedeelte 2.3 Verkiezingen), treft het kiescomité de nodige beslissingen omtrent deze situaties.

 

2.4 Werking van het praesidium

2.4.1 De vergadering

Art 77. Het praesidium kan slechts rechtsgeldig vergaderen wanneer een gewone meerderheid van de praesidiumleden aanwezig is.

Art 78. Een stemming geschiedt individueel en bij handopsteking, tenzij het gaat over een motie van wantrouwen (zie 2.4.2 Motie van Wantrouwen).

Art 79. Een voorstel is aangenomen bij een gewone meerderheid van de praesidiumleden, er wordt wel steeds geprobeerd een consensus te bereiken. Een voorstel dat aangenomen of verworpen is, kan slechts opnieuw behandeld worden in een latere vergadering wanneer een tweederde meerderheid van het praesidium de noodzakelijkheid ervan erkennen.

Art 80. Ieder aanwezig lid kan een punt als variapunt toevoegen aan de agenda.

 

2.4.2 Motie van Wantrouwen

Art 81. Ieder praesidiumlid kan een motie van wantrouwen indienen tegen een praesidiumlid. Een motie van wantrouwen tegen een praesidiumlid wordt ingediend op een praesidiumvergadering. Op dezelfde vergadering wordt er met gewone meerderheid van alle praesidiumleden beslist over de ontvankelijkheid van de motie. Wordt de motie ontvankelijk verklaard, dan wordt de vergadering geschorst en komt ze binnen de zes werkdagen opnieuw samen in buitengewone zitting. Datum, plaats en uur van deze vergadering wordt in overleg met de betrokken partijen bepaald, die tekenen voor akkoord. Op deze buitengewone vergadering krijgen de betrokken partijen de kans om hun standpunten te verdedigen. Na uiteenzetting van de verschillende standpunten, wordt overgegaan tot een geheime stemming. De motie van wantrouwen moet worden goedgekeurd met een tweederde meerderheid van alle praesidiumleden. Tegen de beslissing van deze buitengewone praesidiumvergadering is geen verder beroep mogelijk, behalve wanneer kan aangetoond worden dat de stemming niet statutair correct is verlopen (zie Art 82).

Art 82. Wanneer kan aangetoond worden dat een stemming over een motie van wantrouwen niet statutair correct is verlopen en wanneer deze klacht met een gewone meerderheid van alle praesidiumleden ontvankelijk is verklaard, dan moet de stemming opnieuw gebeuren. De stappen beschreven in Art 81 worden dan hernomen.

Art 83. Het lid van het praesidium tegen wie een motie van wantrouwen aangenomen is, is meteen ontslagen en dient onmiddellijk zijn/haar praesidiumkaart en lint in bij de High Chancelor (praeses), of bij de Chancelor of State (vice-praeses) indien de High Chancelor (praeses) ontslagen wordt.

Art 84. Bij afwezigheid van het praesidiumlid of medewerker tegen wie de motie van wantrouwen wordt ingediend, op de buitengewone zitting beschreven in Art 81, wordt dit agendapunt naar de volgende vergadering verschoven. De Chancelor of State (vice-praeses) maant het bewuste lid bij aangetekend schrijven aan om de eerstvolgende vergadering bij te wonen. In geval van hernieuwde afwezigheid op de eerstvolgende vergadering, wordt de motie toch behandeld.

Art 84bis. Indien het praesidiumlid of medewerker tegen wie de motie van wantrouwen wordt ingediend na herhaaldelijke pogingen onbereikbaar blijkt te zijn, maant de Chancelor of State (vice-praeses) het bewust lid bij aangetekend schrijven aan om de eerstvolgende vergadering bij te wonen. In geval van hernieuwde onbereikbaarheid of afwezigheid op de eerstvolgende vergadering, wordt de motie toch behandeld.

Art 85. De vervanging van het praesidiumlid dat ten gevolge van een motie van wantrouwen uit zijn/haar functie is ontzet, wordt voorzien door coöptatie en ad valvas bekend gemaakt, tenzij deze vervanging onnodig wordt geacht en iemand anders uit het praesidium de taak op zich wil nemen.

 

3 De statuten

Art 86. De statuten liggen ter inzage in het Heimdal en is ook verkrijgbaar op het secretariaat van de Directie Studentenvoorzieningen in Overwale 42, 9000 Gent. Ze kunnen tevens geraadpleegd worden op de Heimdal-website.

Art 87. Deze statuten kunnen niet door één praesidium alleen gewijzigd worden. Wijzigingen in de statuten worden op een algemene vergadering aangebracht met het voltallige huidige praesidium en de laatste 3 pro-senioren, overeenkomstig met de werking voor een statutenwijziging. Bij wijziging van de statuten wordt er evenals een vergadering gehouden voor alle gedoopte leden in de vereniging, waar de leden de wijzigingen kunnen inkijken. De leden zelf hebben geen beslissingsrecht omtrent de statuten. Indien er een wijziging is van één der artikels van de statuten dient deze achteraan het huidig reglement bijgevoegd te worden, en getekend door de praesidiumleden welke op de vergadering aanwezig zijn.

Art 88. In geval dat er zich omstandigheden zouden voordoen die niet beschreven zijn in de andere artikelen van de statuten met uitzondering van verkiezingen (betreffende het gedeelte 2.3 Verkiezingen), treft het praesidium de nodige beslissingen omtrent deze situaties.

 

4 De Ereleden

Art 89. Stichtende leden van Heimdal zijn automatisch erelid voor het leven.

Art 89bis. Het bovenstaande artikel (Art 89) kan niet veranderd worden.